Romeinse cijfers: omzetter en werkbladen

Typ een getal of een Romeins getal om het om te rekenen, of maak een werkblad met getallen tot 20, 100, 1000 of 3999.

Instellingen

Getallen

Opdracht

Meer opties

Aantal opgaven

Papierformaat

Je werkblad wordt gemaakt…

Bladcode: –

Typ de code van een geprint blad om hetzelfde blad met de antwoorden terug te krijgen.

Zo werkt het

  1. Controleer met de omzetter elk getal van 1 tot en met 3999.
  2. Kies voor een werkblad tot welk getal en de opdracht: getal naar Romeins, terug, of gemengd.
  3. Print het met het antwoordblad, of maak het op het scherm.

De zeven tekens

I = 1, V = 5, X = 10, L = 50, C = 100, D = 500 en M = 1000. De tekens worden van links naar rechts opgeteld, het grootste eerst: MDCLXVI is 1666.

De aftrekregel

Staat een kleiner teken vóór een groter, dan trek je het af, maar alleen in zes paren: IV = 4, IX = 9, XL = 40, XC = 90, CD = 400 en CM = 900. Het jaar 1994 schrijf je daarom als MCMXCIV, en 4 is in de gewone schrijfwijze nooit IIII.

Waar kom je ze tegen?

Op wijzerplaten, in namen als koning Willem III, bij eeuwen in oude boeken en in bouwjaren boven deuren en op gevels. Samen zoeken naar Romeinse cijfers in de buurt is een leuke oefening.

Vragen en antwoorden

Waarom houden Romeinse cijfers op bij 3999?

De gewone schrijfwijze kent geen teken boven M (1000), en geen teken staat meer dan drie keer achter elkaar. Het grootste getal is daarom MMMCMXCIX (3999).

Hoe schrijf je 2026 in Romeinse cijfers?

MMXXVI: MM voor 2000, XX voor 20, V voor 5 en I voor 1.

Hadden de Romeinen een nul?

Nee. Het Romeinse talstelsel heeft geen teken voor nul.

Meer werkbladen

De werkbladen worden in je browser gemaakt. Wat je typt, wordt niet naar onze servers gestuurd.

↑ Naar boven